Rechtuit met buiging

Wanneer je met deze oefening wil gaan beginnen is het belangrijk dat de basis communicatie met je paard goed is, zodat jij het paard begrijpt en het paard jou (zie Basis grondwerkoefeningen) en het paard de voorgaande 3 oefeningen: De werking van de (academische) kaptoom, Oefening 1 en Het aanleren van stelling en buiging in stilstand, Oefening 2.en De volte, oefening 3 al voor 75% beheerst.

 

De Vierde Stap

In deze oefening wordt het paard geleerd om met de juiste lengtebuiging en ontspanning op een rechte lijn te bewegen.
De achterhand van het paard is breder dan de voorhand. Van nature heeft het paard de neiging om aanleuning te zoeken bijvoorbeeld aan de wand van de rijbak. Wanneer het paard vervolgens rechtuit over de hoefslag beweegt… loopt het dus scheef.

Scheef bewegen op deze manier is nadelig omdat:

– Het paard zijn balans verliest en zijn lichaam verkeerd gaat gebruiken en daardoor sneller overbelast
– Het binnenachterbeen dan geen gewicht draagt (gewicht van de achterhand van het paard), het wordt namelijk buiten het lichaam gezet.
– Alleen wanneer een achterbeen gewicht draagt, kan de balans van het paard naar achteren worden verlegd in plaats van op de voorhand
– het paard kan niet ‘aan de buitenteugel’ komen en de scheefheid wordt alleen maar erger doordat de voorhand en de achterhand niet correct worden uitgelijnd

Door dit eerst aan de hand naast het paard aan te leren, leert het paard nageeflijk te reageren op de binnenteugel. Daarnaast kan het paard dit later ook gemakkelijker met een ruiter op zijn rug en het is tevens een voorbereiding op de oefening Schouderbinnenwaarts.

 

Zie ook:

Oefening 1: het aanleren van de werking van de kaptoom
Oefening 2: Stelling en buiging in stilstand
Oefening 3: De volte
Gymnastiseren

 

(Visited 984 times, 1 visits today)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *