De halve ophouding verduidelijkt – DEEL I

Een veelgehoorde term: ‘de halve ophouding’, maar vraag aan ruiters wat het betekent en maar weinigen kunnen het uitleggen. Bij het trainen van je paard is het aan jou als trainer om het paard steeds zijn balans weer te laten vinden. Als middel om te herbalanceren gebruiken we de halve ophouding. 

Aangezien het paard eigenlijk continu in beweging is moeten we als trainer ook bewaken dat het paard zijn soepelheid, houding, tempo, takt en schwung behoud en ook hierbij zetten we de halve ophouding in.

 

Halve ophouding om te voelen

Wanneer het paard correct loopt (los in de rug en met de achterbenen naar het zwaartepunt swingt) en op iedere minimale druk op contact met het hoofd of het bit nageeft, voel je lichtheid in je hand.

Aha! Nu je dit weet kun je dus ook testen of je paard correct loopt door met je hand nu juist te vragen of je paard op minimale druk wil nageven.

Hoe gaat dit in z’n werk:

  • je sluit je hand alsof je zachtjes een spons uit knijpt 
  • het paard reageert op deze ‘druk’ door hierop na te geven
  • je opent je hand weer (alsof de spons weer zijn normale vorm krijgt)
  • het paard reageert door het contact met de teugel aan te nemen

 

Samenhang halve ophouding en correcte beweging

Als het goed is zou het dus moeten gaan zoals hierboven beschreven. 
Je maakt een halve ophouding op je binnenteugel om te controleren of je paard met zijn binnenachterbeen goed naar voren komt en stapt onder het zwaartepunt (midden van zijn buik).

Als dit het geval is, betekent dat ook dat de binnenheup van het paard wat naar voren komt en het paard dus ook de juiste lengtebuiging heeft. Het lichaam van het paard wordt door de spieren aan de binnenkant wat samengetrokken en daarom geeft het paard na op de druk van de binnenteugel. Het contact met de mond/neus (bij bitloos) van het paard is dus een indicator van hoe het achterbeen beweegt.

Als het niet goed is dan geeft het paard niet ‘na’ op de halve ophouding met de hand en blijft hij stug in het contact met je hand. Dit wil zeggen dat het paard uit balans is en NIET dat het paard hard in de mond is! Voelt het contact stug, dan betekent dat niet goed ondertreden van het achterbeen. Voelt het contact nageeflijk dan betekent dat goed ondertreden van het binnenachterbeen.

 

Word vervolgd!

In DEEL 2 van ‘De ophouding verduidelijkt’ zal ik aangeven hoe je de halve ophouding kunt gebruiken als manier om de balans van je paard te herstellen.

 

 

(Visited 269 times, 1 visits today)