Oefeningen rug- en buikspieren paard

De rug van het paard is niet gemaakt om mensen te dragen. Sterker nog, door het dragen van ruitergewicht wordt de rug van het paard zwakker.
Het meest gelezen artikel van deze site is Rugpijn en SI problemen bij paarden’  wat nog maar eens aangeeft hoeveel paarden hier last van hebben en hoeveel ruiters moeite hebben om deze problemen te voorkomen.

Omdat wij toch graag op het paard rijden, kunnen we door middel van oefeningen de rug, maar vooral ook de spieren van de buik en achterhand trainen zodat deze soepel en sterk worden en ervoor kunnen zorgen dat paarden onze ‘last’ beter en langer kunnen dragen en er minder schade veroorzaakt wordt.

Maar welke oefeningen voor de rug- en buikspieren kun je nu gebruiken?

 

1. Alle Gymnastiserende oefeningen 

Dit zou feitelijk je startpunt moeten zijn, zodat het paard rechtgericht wordt en balans krijgt om het gewicht evenredig te verdelen en met beide achterbenen evenveel gewicht op te nemen. Zonder dat zal het paard niet leren om beide zijden van zijn lichaam goed te gebruiken en zal een juist contact met de gevoelige paardenmond ook niet mogelijk zijn of gelijkmatig zijn.

Een verkeerd contact leidt tot een paard wat achter het bit of boven het bit gaat lopen en daarmee zijn lichaam verkeerd gebruikt en zijn rug wegdrukt en daarmee

Left, a weak Multifidus the allows spine to dip; while at right, a strong Multifidus keeps the spine flat.
Bron afb: http://www.horsetalk.co.nz/2015/02/04/help-horse-kissing-spine-goodbye/#axzz49xb8CRGC

totaal niet meer tot dragen van de ruiter komt. Wanneer correct uitgevoerd gebruikt het paard bij alle gymnastiserende oefeningen op een goede manier zijn rug- en buikspieren. Meer info over gymnastiseren lees je hier

 

 

2. Galop oefeningen

Zodra je paard meer balans heeft kun je galop oefeningen gebruiken. Doordat de galop een ‘gesprongen’ gang is gebruikt het paard hierbij veel meer zijn achterhand en buikspieren dan bijvoorbeeld in de draf. Daarnaast is galopperen goed voor het bekken. Probeer in de galop te variëren in hals en hoofdposities en maak overgangen (bijvoorbeeld wat meer verruimen en weer wat verzamelen). Ook kun je grote voltes in galop afwisselen met wat kleinere.  

De overgang van galop naar draf is voor een paard trouwens enorm lastig, dit komt door het verschil in beweging van de gesprongen 3-takt gang naar de ritmische vlakke 2-takt draf. Het paard moet zijn lijf bij deze overgang flink aanpassen. Beter is het om overgangen van galop – stap te maken. Meer over de galop lees je hier.

 

 

3. Werk aan jezelf!

Jouw lichaam en houding beïnvloed het paard enorm. Zit je teveel naar achteren en te diep in het zadel, dan is het voor het paard praktisch niet mogelijk zijn rug omhoog te brengen.

Wist je dat bij veel paarden in het lichaam te zien is of de ruiter links- of rechtshandig is en welke scheefheden de ruiter heeft! Werk dus aan je eigen lichaam en jouw scheefheden en neem goede instructie. Ook de manier waarop het zadel op de rug ligt is belangrijk. Dus het kan ook geen kwaad om regelmatig je zadel te laten checken.

 

4. Achterwaarts

Ook een goede oefening omdat het paard bij het achterwaarts gaan zijn bekken moet kantelen. Hierdoor wordt de rug meer gebogen en ook is er meer buiging in de gewrichten van het achterbeen. Zorg ervoor dat je paard ideaal gezien zijn hals en hoofd wat laat zakken (niet met de neus achter de loodlijn) en recht achterwaarts loopt. Een gevorderde oefening is het achterwaarts gaan en vervolgens aandraven. Bouw het altijd langzaam op en zorg er eerst voor dat het paard gewillig, soepel en in met diagonale beenzetting achterwaarts gaat.

 

5. Yoga voor paarden

De volgende oefeningen rug- en buikspieren zijn door mij vertaald en afkomstig van: http://horsetalk.co.nz/2015/02/04/help-horse-kissing-spine-goodbye/#ixzz4A2KBjnAV. 

Wanneer je begint met deze oefeningen is het belangrijk te bedenken dat je het paard voorzichtig en rustig zal moeten begeleiden aangezien het eventuele verzet een combinatie is van fysieke en mentale spanning. Ook dien je het langzaam op te bouwen en kun je pas meer vragen wanneer het paard soepel en vrijwillig meewerkt. Bij spanning zal de wervelkolom zich namelijk altijd vastzetten.

‘Halve maan buiging’:
Maak een cirkel om een pion of een ander voorwerp, met lange teugels en veel inwaartse buiging. Dit stretcht de buitenkant van het lichaam en helpt het paard om zijwaartse rugspanning los te laten. Let op! Dwing het paard niet maar motiveer langzaam. Ontspan tussendoor, wacht en herhaal het tot het paard zijn hoofd kan laten zakken en gemakkelijker kan buigen.

Wijken voor het been ‘Driehoek stretch in stap’

Een stretch versie wijken voor het been motiveert de heupen om te draaien in de tegengestelde richting van de schouders. Het motiveert de wervelkolom om vrij te draaien en zich geleidelijk van ‘knikken’ vrij te maken. Het kan zijn dat het paard in eerste instantie blokkeert. Probeer rustig en met gevoel verder te oefenen tot het paard zijn hoofd laat zakken, gewillig buiging aanneemt op de binnenteugel en zijwaarts kan stappen met steeds meer elasticiteit.

¼ tot volledige draai rond de voorhand 

Deze oefening zorgt ervoor dat het paard leert om te wijken voor een lichte beenhulp en is de basis voor rechtuit, zijwaarts en precisie in de hoeken.
Het zorgt ook voor een goede opbouw van de spieren die het bekken bewegen, en tegelijkertijd brengt het de ruggengraat omhoog en zorgt het voor ruimte tussen de ruggenwervels waardoor het verlichting brengt voor eventueel beknelde zenuwen.

Vraag eerste 1 of 2 correcte stappen voordat je meer vraagt. Het paard moet met zijn binnen achterbeen onder zijn lichaam stappen en zijn schouders draaien om het binnenvoorbeen. Vraag het binnenachterbeen onder het lichaam eventueel met een zachte zweephulp om de eerste stappen te krijgen en let erop dat het paard niet achterwaarts gaat of over de buitenschouder valt.

Je weet dat je op de goede weg bent wanneer het paard zijn hoofd laat zakken en je de buiging geeft op de binnenteugel en contact op de buitenteugel.

horsetalk.co.nz/2015/02/04/help-horse-kissing-spine-goodbye/#axzz49xb8CRGC
¼ tot ½ Pirouette – draai rond de achterhand

Dit is essentieel voor soepelheid in de schouders en voor de communicatie tussen ruiter en paard.
Vanuit stilstand open je de binnenteugel en vraag je buiging aan de binnenkant. Vraag met de buitenteugel tegen de nek, de nek te wijken en bouw de druk iets op tot het paard naar binnen weg stap.

Dit ontwikkelt de beweging van de borstkas en motiveert het paard om zijn ruggengraat te dragen tussen zijn schouderbladen. Het verhoogt het zwaartepunt en geeft het paard de mogelijkheid om zijn voorkant opwaarts te bewegen, bij elke pas de beweging soepeler en meer bergopwaarts te maken en creëert ruimte voor de achterhand om richting het zwaartepunt te verzamelen.

Het resultaat is, om doormiddel van een licht contact met de buitenteugel er voor te zorgen dat het paard preciezer kan draaien en gemakkelijker de oefeningen schouderbinnenwaarts, appuyement en pirouette kan uitvoeren.

rotating

!Belangrijk! laat eventueel een osteopaat je paard nakijken om te zien of er geen blokkades aanwezig zijn, deze oefeningen helpen hier niet voor.